Walking Football

Dit programma hebben we gefilmd in november/december 2015 en is uitgezonden in de eerste uitzending van 2016. Naar aanleiding van dit programma heeft Dick Stoppels onderstaand verhaal geschreven.

Vrijwandelen! Wandel je vrij!

Een woensdagochtend in december, kwart over negen. Wij staan met camera en geluidshengel half in de zon, half in de schaduw van een aarzelend ochtendzonnetje. Een kleine 20 man komt alleen of in kleine groepjes aangelopen. Voetbaltas in de hand of met een plastic tas van Albert Heijn in de fietstas of onder de arm. Lachend en gekscherend roepen ze ons wat toe. Ze gaan de kantine van voetbalvereniging Noordpool in. Veel van de mannen ken ik wel. Om half tien tikt Jan tegen het raam. “Komen jullie ook binnen? Meer komen er niet”.

In de kantine zitten ze allemaal rond een aantal tafels die tegen elkaar aangeschoven zijn. Henk en Jan heten ze allemaal welkom. Dit is de tweede bijeenkomst en de eerste keer dat ze zelf aan de slag gaan op het veld. Maar eerst even wat huishoudelijke regels doornemen en afspraken maken. Er wordt gemeld wie zich voor vandaag hebben afgemeld, wie helemaal niet weer terugkomen en wie later in het seizoen instromen. Deze laatsten zijn nog aan het werk en zetten daar over niet al te lange tijd een punt achter of kunnen regelen dat ze op woensdagochtend mogen trainen. Ondertussen is er koffie en thee en gaan ze met elkaar om zoals mannen dat doen.

Henk heeft een aantal punten op papier gezet en handelt die stap voor stap af, Jan vult aan waar nodig. “Volgende week komt er eerst een fitheidstest, we willen vooraf een beetje kunnen inschatten hoe het met de gezondheid en conditie is gesteld”. “Volgende week zijn de trainingspakken klaar. Ze liggen al bij de drukker maar die kreeg het niet meer voormekaar om er nog logo’s en namen op te kunnen drukken. Deze week liggen er nog wat trainingspakken van Noordpool klaar in de kleedkamer. Ja, er zit ook wel een XL-etje tussen”.

Dan een vraag van één van de deelnemers. “Zorgen jullie er wel voor dat de AED apparaten tijdens de training niet achter slot en grendel zitten”? “Nee, die staan gelijk naast het veld”. De mannen worden ongeduldig en willen zich omkleden, maar wij mogen nog even uitleggen wat wij komen doen en wat we van hen verwachten. Daarna zwaait de deur open en stappen ze de kantine uit de kou in, op naar de kleedkamers.

10 minuten later staat er letterlijk een bont gezelschap op het veld. Jan, die nu de trainer is, vertelt wat ze gaan doen. Eerst een warming-up. Armen en benen een beetje los maken. Rondjes met en zonder de bal. Een balletje overtrappen. Maar niet rennen. Dat mag straks immers ook niet. Doordat ze niet mogen rennen hebben ze met name in het begin nog voldoende conditie om ook nog wat te kunnen praten. Zo één op één met elkaar wordt de toon van de gesprekken soms wat serieuzer. Waar de één moeite had om niet meer aan het werk te zijn, heeft de ander dat bewust afgebouwd. En dat dit nieuwe initiatief toch wel erg leuk is.

Aan het eind van de opwarmoefeningen wordt het toch wat rustiger en de ademhaling wat luidruchtiger. Zwijgend lopen ze achter de bal aan die net zelf hebben weggeschopt. “Ja, je moet me de bal nu wel directer in de voeten spelen, ik mag ja niet rennen!”

Met nog een uur te gaan worden de hesjes verdeeld en ontstaat er een blauw en een oranje team. Niet iedereen beschikt nog over een afgetraind lichaam en het aantrekken van de hesjes levert soms komische beelden op, maar al gauw wordt er een helpende hand toegestoken. “Kin ik ja ook niks aan doun!”

Tja, en dan gaan ze spelen. Sommigen gaan fanatiek van start maar worden meteen door de trainer/scheidsrechter teruggefloten. “Vrije trap, je rent”.

Het is zó leuk om te zien. Twee volwassen kerels die hard achter een  bal aanwandelen die op het laatst toch over de zijlijn rolt. “Je moet me de bal wel in de voeten leggen”. “Scheids, hij rent, hij rent”!

Want dat mag bij deze tak van voetbal nou juist niet. Rennen. Het heet niet voor niks “Walking Football”. Lopend voetballen. Rennen mag niet en de bal mag niet boven heuphoogte komen. Als de bal “uit” is wordt er niet ingeworpen, maar ingelopen. Het vraagt om een compleet andere benadering van het voetbalspel. De term “lopen met de bal” wordt hier letterlijk genomen. Maar je moet meer overspelen. In het begin lijkt het soms op kluitjesvoetbal zoals de D-tjes ook doen, maar al gauw beginnen ze zich tactisch op te stellen. “Vrijwandelen, wandel je vrij. Zoek de ruimte op.“

Waarom Walking Football? Omdat er genoeg zijn die nog wel tegen een balletje willen trappen maar de conditie – om wat voor reden – er niet meer voor hebben. Er lopen spelers met versleten of nieuwe knieën tussen. En spelers die wegens diverse (gezondheids)klachten niet meer aan het gewone voetbal kunnen of mogen deelnemen. Maar die zich staan op te vreten aan de kant als ze anderen zien spelen. Maar waag het niet om ze te bestempelen als een stel ouwe kneuzen. Dat zijn ze niet, zo voelen ze zich niet en dat pikken ze niet.

Niet iedereen mag er aan meedoen, de minimum leeftijd is 60. Een maximumleeftijd is er niet. Geert (82), de oudste speler staat vandaag aan de kant. Hij dacht de afgelopen week bij de Makro nog wel even wat diepvriesdozen van de grond te kunnen tillen. Het spiertje in de lies is nu even té gevoelig om mee te kunnen trainen. “Dus vandoag nait mit jong”?

Met een verbeten trek op zijn kop moet hij wel nee antwoorden. Maar volgende week is hij er wel. En tussendoor zullen ze hem ook nog genoeg op en rond het voetbalveld zien. Want hij kan het niet laten. Voetbal is z’n lust en z’n leven.

En dat geldt voor al deze kerels. Die hun sporen meer dan verdiend hebben bij deze of een andere voetbalvereniging. Fanatiek tot en met. Maar ook weer niet té. Mannen die binnen de vereniging nog een enorm hoop werk verstouwen. Vrijwilligers. Maar het belangrijkste voor hen is dat ze bezig zijn. Met hun favoriete sport. Met andere mannen die ze al heel lang kennen en waar ze veel voetbal-avonturen mee hebben beleefd. Die luisteren naar elkaars verhalen, ook al hebben ze die al vaak gehoord. En die ze nog lang met elkaar willen delen.

Dan is de training afgelopen. De verliezer van het laatste partijtje zou opruimen. Maar op de laatste beelden die wij hebben geschoten zie je dat iedereen iets meeneemt van het veld.

Ook het AED apparaat.

 

 

december 2015, Dick Stoppels